Verspreid over de website staan veelgestelde vragen. Op deze pagina staan ze bij elkaar.

Kerncentrale

Hoe gek het ook klinkt: in de basis is de kerncentrale net een stoommachine. Splijtende uraniumkernen zorgen voor warmte waarmee water wordt verhit tot stoom. Met die stoom drijven we een turbine-generator aan die eletriciteit maakt. Uiteraard zit er om deze basis nog heel veel hulp- en veiligheidssystemen heen die er voor zorgen dat het toch nog een ingewikkelde fabriek is.

De kerncentrale wordt volledig geautomatiseerd bediend. De wachtploeg op de regelzaal is vooral bezig met controleren of de automatische bediening het goed doet. Ook test de wachtploeg systematisch alle veiligheidsvoorzieningen. Alleen in uitzonderlijke gevallen grijpt de wachtploeg in. Daarvoor gelden strenge procedures die worden geoefend in een simulator.

De wachtploeg bestaat uit vier personen. Een wachtingenieur heeft de leiding; een plaatsvervangend wachtingenieur houdt met afstand toezicht op het proces. Twee werktuigkundigen houden de productieprocessen in de gaten. Eentje het nucleaire deel, de andere de elektriciteitsproductie.

Wie bij de kerncentrale in de regelzaal komt werken, volgt eerst de basisopleiding. Die duurt anderhalf jaar. Nieuwe medewerkers krijgen klassikaal hun theorie: kennis over onder meer natuur- en reactorkunde. Daarna volgt praktijkonderwijs op de simulator. Nu nog op de Kraftwerkschule in Essen, maar binnenkort op de eigen simulator in Borssele. Na anderhalf jaar volgt een staatsexamen. Wie slaagt ontvangt een licentie en mag werken in een wachtploeg. Op de regelzaal gaat de nieuwe collega aan de slag onder begeleiding van een ervaren collega.

Iemand die bij de kerncentrale werkt, krijgt tussen de 15 en 20 dagen per jaar onderwijs. Daaronder valt ook training op onder meer de simulator van de kerncentrale. Medewerkers werken voortdurend aan hun kennis en persoonlijke vaardigheden. Niet alleen om bij te blijven in de huidige functie maar ook voor toekomstige carrièrestappen.

Nee, je bent bij ons nooit uitgeleerd. Twee weken per jaar volgen onze medewerkers een ‘Opfriscursus’ (herhalingscursus) om de theorie (fysica, techniek) levend te houden. Verder zijn er nog cursussen die bij jouw functie horen. Denk aan alarmplanoefeningen, brandweeroefeningen en trainingen op het gebied van leiderschap en persoonlijke ontwikkeling. 

De wachtploeg van de kerncentrale traint daarnaast twee keer per jaar een week lang op de simulator. Hier worden alle mogelijke en niet-voorziene praktijksituaties nagebootst die in een kerncentrale kunnen plaatsvinden. Simulatortrainingen zijn een verplichting.

Tenslotte zijn er nog internationale uitwisselingen met andere centrales of via IAEA-missies. Via peer reviews en audits worden goede werkpraktijken uitgewisseld. Zo wordt geleerd van elkaars ervaringen. Alle individuele opleidingen en kwalificaties worden uiteraard nauwkeurig bijgehouden.

Er is veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar het reactorvat-staal vóórdat deze in gebruik werd genomen (1973). Hierdoor is er veel bekend over de beginsituatie. Sindsdien wordt het reactorvat periodiek gecontroleerd en onderzocht. Onder meer door inwendig (röntgen)onderzoek. Daaruit blijkt dat het staal vrijwel niet afwijkt van de beginsituatie. Het is nu zelfs nog beter dan van een nieuw vat zou worden geëist.

Het reactorvat en ook de andere vitale delen van het primaire systeem vallen onder een streng inspectieregime. De periodieke inspecties worden gedaan door gespecialiseerde gekwalificeerde externe bedrijven. Met name tijdens de jaarlijkse splijtstofwissel als de centrale uit bedrijf is. Elke tien jaar is het volledige reactorvat ten minste één keer geïnspecteerd. In Borssele gebeuren de inspecties met speciale camera’s, wervelstroom-, röntgen- en ultrasoon technieken. 

De resultaten worden voor een second opinion voorgelegd aan een specialist van de toezichthouder Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming.

Ook tijdens bedrijf controleren wacht- en onderhoudsmensen voortdurend de conditie van de installatie. 

Kernenergie

Splijtstof bevat een bepaalde hoeveelheid uranium of plutonium atomen. Als die worden geraakt door een neutron, kunnen ze splijten (kernsplijting) waarna er warmte ontstaat. Vandaar de naam splijtstof.

Splijtstof wordt gemaakt in een fabriek. De basis is natuurlijk uranium (erts, delfstof). Het kan ook kunstmatig worden gemaakt. In een kerncentrale ontstaat vanzelf een nieuwe grondstof voor splijtstof: plutonium. Dit kwam vroeger ook in de natuur voor, maar is in de loop van miljoenen jaren door natuurlijk verval verdwenen. Sommige uranium en plutonium atomen zijn splijtbaar en zijn het belangrijkste bestanddeel van splijtstof.

Uranium wordt als erts gewonnen uit de aardkorst. Het is een natuurlijke stof die licht radioactief is. Het uranium-238 op aarde is in de ruimte ontstaan door het samensmelten van andere atomen (nucleosynthese) in supernova’s.

We hebben wereldwijd afgesproken om in kerncentrales uitsluitend laagverrijkt uranium te gebruiken met circa 5 procent splijtbare atomen. Daarmee kun je geen atoombom maken. Daarvoor heb je tientallen procenten splijtbare atomen in je splijtstof nodig.

Bij splijting valt een atoom uit elkaar en ontstaat er warmte en afval. Bij kernfusie ‘smelten’ twee atomen samen en ontstaat er extra energie en nauwelijks afval. Fusie heeft dus voordelen. Op dit moment wordt er in Frankrijk een fusie-reactor gebouwd om ervaring op te doen.

Er gaat verse splijtstof naar de centrale toe. Gebruikte splijtstof voeren we af naar de recycling fabriek. Die stuurt het radioactief afval dat overblijft naar COVRA in Vlissingen waar het wordt opgeslagen. Gerecyclede splijtstof komt weer als verse splijtstof terug naar Borssele.

Milieu en gezondheid

Wij zijn voor onszelf strenger dan de wet eist. Onze interne limieten zijn vaak vele malen strenger dan wat er wettelijk is toegestaan of voorgeschreven. We kiezen altijd voor de veilige kant en de best beschikbare (milieu)technologie.

Ja, dat kan. Van de gebruikte splijtstof kunnen we zo’n 95% opnieuw gebruiken, slechts 5 procent afval blijft over. 

Het recyclen gebeurt in een speciale fabriek in Frankrijk. Daar wordt de splijtstof chemisch ontleed. De bruikbare bestanddelen worden teruggewonnen. Het onbruikbare deel wordt verwerkt in speciale afvalverpakkingen (canisters). Die worden bij COVRA opgeslagen. De bruikbare bestanddelen worden weer verwerkt in nieuwe (gerecyclede) splijtstof voor de reactor. 

Hoogradioactief afval zijn brokstukjes, overgebleven van splijting van uranium- en plutoniumatomen. We noemen dit kernsplijtingsproducten. Deze brokstukjes worden chemisch afgescheiden van de nog goede uranium- en plutoniumatomen. De brokstukjes worden gemengd met vloeibaar glas. Dat wordt in roestvrijstalen vaten (canisters) gegoten waarin het stolt. De brokstukjes zitten dan hermetisch opgesloten in het massieve glas. In totaal maakt de kerncentrale jaarlijks ongeveer 4 kubieke meter hoogradioactief afval (inclusief het glas).

Er zijn verschillende soorten radioactief afval:

  • Laag- en midden radioactief afval uit een kerncentrale zijn gereedschappen, smeermiddelen, filters, verpakkingsmaterialen en poetsdoeken die in aanraking zijn gekomen met radioactiviteit. Dit afval wordt verzameld, samengeperst en verpakt in beton en opgeslagen in een loods. Het is ongeveer 1 zeecontainer per jaar. Na 30 jaar is alle straling vervallen en is dit gewoon afval geworden.
  • Hoogradioactief afval is afkomstig van de splijtstofelementen die als brandstof in onze reactor zijn gebruikt. Van deze ‘uitgewerkte’ reactorbrandstof wordt zo’n 95 procent opnieuw toegepast. Slechts 5 procent is hoogradioactief afval. Ongeveer 4 kubieke meter per jaar. Dit hoogradioactieve afval mengen we in vloeibaar glas dat stolt in een roestvrijstalen vat. De radioactieve stoffen kunnen niet uit het glas ontsnappen.

 

 

Al ons radioactieve afval wordt veilig en verantwoord bij COVRA opgeslagen. De Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (COVRA) heeft als enige bedrijf in Nederland de taak om al het radioactieve afval van Nederland te verzamelen, te verwerken en op te slaan.

We hergebruiken 95 procent van onze splijtstof, ongeveer 5 procent is hoogradioactief afval. We laten dit mengen met vloeibaar glas. Het mengsel wordt lucht- en vloeistofdicht verpakt in roestvrijstalen vaten (canisters). Deze canisters worden opgeslagen in een speciaal gebouw: het Hoogradioactief Afval Behandelings- en Opslag Gebouw (HABOG). Kom meer te weten over de opslag van radioactief afval op www.covra.nl

Sterker nog: je kunt er veilig bovenop staan! Je kunt de COVRA in Vlissingen-Oost bezoeken. Hier ligt al het nucleaire afval van Nederland veilig opgeslagen.

Het hoogradioactieve afval wordt 100 jaar bewaard in een bunker bij COVRA. Het afval raakt in die tijd zijn meeste straling kwijt. Het is dan minder gevaarlijk en beter hanteerbaar. 

Na honderd jaar bergen we het radioactief afval dat nog straalt op in een diepe mijnschacht. Daar kan het in de loop van eeuwen ook zijn laatste straling verliezen door natuurlijk verval.

Zo’n eindberging wordt momenteel onderzocht. De opzet is dat het radioactief afval veilig is opgeborgen maar dat het ook terugneembaar is. Als de inzichten veranderen, kunnen we het afval weer naar boven halen.

 

 

Een kenmerk van radioactiviteit is dat de straling met de tijd afneemt. Dat regelt de natuur zelf. Hoe meer tijd er verstrijkt, hoe minder het straalt. Dat heet natuurlijk verval. Stralende stoffen worden vanzelf stabiel en stoppen dan met stralen. De meeste radioactieve stoffen vervallen snel. Binnen secondes, uren, dagen, jaren of decennia. Helaas zijn er ook hardnekkige stoffen met een zeer lange vervaltijd.

Hoe lang het duurt voor radioactiviteit is vervallen, drukken we uit met halveringstijd. Dat is de tijd die nodig is om telkens de helft van de radioactiviteit kwijt te raken. Het ene radioactieve stofje is dus meteen als het ontstaat al ongevaarlijk. Ander radioactief materiaal moet je vele duizenden jaren opslaan voor het ophoudt met stralen.

Straling is overal om ons heen: de natuurlijke achtergrondstraling. Die is ongevaarlijk. Straling is pas gevaarlijk bij langdurige blootstelling aan een hele hoge dosis. Je kunt dit enigszins vergelijken met zonlicht. Zonlicht is goed voor je (vitamine D), maar te veel en te lang zonnebaden is ongezond en kan op termijn zelfs huidkanker veroorzaken.

Dit is geen schoorsteen maar de ventilatieschacht van de kerncentrale. In de luchtdichte bol heerst onderdruk zodat bij een lek lucht altijd naar binnenstroomt. De onderdruk wordt gemaakt door luchtbehandelingsinstallaties. Overtollige lucht wordt geventileerd op de schacht. Voordat dit gebeurt wordt de lucht eerst behandeld door filterstraten en daarna nog gecontroleerd. Wat de schacht uitgaat is dus schoongemaakt en wordt permanent gemonitord. Er ontsnapt geen ongecontroleerde radioactiviteit.

De kerncentrale Borssele is een drukwater reactor met twee gesloten kringlopen. Het water in de eerste kringloop rond de reactor staat onder hoge druk waardoor dit niet gaat koken. Deze kringloop is hermetisch afgesloten.

De warmte van de eerste kringloop wordt afgegeven aan een tweede gesloten kringloop waarin water wordt omgezet in stoom. De eerste kringloop kan radioactiviteit bevatten, maar dit kan niet worden afgegeven aan de tweede kringloop. De stoom is dus niet radioactief.

Radioactief afval wordt via het spoor getransporteerd in speciale containers die bestand zijn tegen extreme ongelukken. Deze containers zijn zo ontworpen dat ze tegen botsingen, valpartijen, brand, onderdompeling en andere extreme gebeurtenissen kunnen. Ze zijn uitvoerig getest.

Veiligheid

Veiligheid heeft de hoogste prioriteit; veiligheid gaat dus vóór alles. We werken veilig, of we werken niet. De basis van de nucleaire veiligheid ligt vast in wetten, besluiten en de bedrijfsvergunning. Hierin staat waaraan EPZ moet voldoen. Daarnaast heeft EPZ zelf een vaak nog strenger nucleaire veiligheidsbeleid. Limieten zijn bij EPZ vaak strenger dan de wet voorschrijft. Tenslotte is er ook nog onafhankelijk, extern toezicht op en handhaving van de nucleaire veiligheid.

De zeedijk bij EPZ is hoog genoeg, dat wordt regelmatig getoetst door het waterschap. Zelfs in het onwaarschijnlijke geval van een overstroming kan de centrale lange tijd gewoon doordraaien. De luchtinlaat van de noodstroominstallatie hebben ‘snorkels’. Die zitten op een hoogte van 9.80 meter boven NAP. Ter vergelijking: de overstroming in 1953 had bij Borssele een hoogte van 4.70 meter boven NAP.

Kerncentrale Borssele is sinds de bouw voortdurend aangepast aan de stand der techniek. Hij is sinds 1973 duizend keer veiliger gemaakt. Na vijftig jaar voortdurend verbeteren, behoort de kerncentrale ook nu nog tot de 25 procent veiligste kerncentrales in de westerse wereld.

De kerncentrale produceert elektriciteit en gebruikt tegelijkertijd ook zelf elektriciteit. Stroom is nodig voor het bedienen van de installatie. Om zeker te zijn dat de veiligheidssystemen altijd werken, moet de stroomvoorziening onder alle omstandigheden gegarandeerd zijn. Daarom zijn tal van (onafhankelijke) noodstroomvoorzieningen aangelegd. Ze zijn meervoudig uitgevoerd, overstromingsveilig en vliegtuigbestendig. Als alles uitvalt is er zelfs nog een mobiele elektriciteitscentrale. Ook kan gebruik gemaakt worden van mobiele stroomvoorzieningen van (bijvoorbeeld) het ministerie van Defensie

In Nederland is het toezicht ondergebracht bij de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). Dit is een onderdeel van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat). De ANVS controleert aan de hand van verplichte rapportages of EPZ voldoet aan de voorschriften. Ook houdt de ANVS vrijwel dagelijks toezicht op de werkvloer in de kerncentrale. De ANVS kan het Internationaal Atoom Energie Agentschap van de Verenigde Naties (IAEA) vragen om specifieke controles uit te voeren.

Binnen de organisatie zijn medewerkers gewend om elkaar aan te spreken op veilig werken. De veiligheidsprincipes in de kerncentrale zijn gebaseerd op de IAEA (International Atomic Energy Agency) Safety Standards. Alles is daarbij ondergeschikt gemaakt aan de bescherming van mens en milieu tegen de risico’s van een radioactieve emissie. Dit geldt voor de installaties, gebruik van materialen en de processen. Veiligheid gaat bij EPZ dus altijd voor.

We maken de veiligheidscultuur zoveel mogelijk tastbaar door Management Verwachtingen op te schrijven. Die maken duidelijk wat we van onze medewerkers verwachten. Elke medewerker is aanspreekbaar op zijn of haar verantwoordelijkheid voor de nucleaire veiligheid. Er wordt hierop geschoold en gecoacht, individueel en in teamverband.

Bewaken en beveiligen

Onze kerncentrale wordt 24 uur per dag, 7 dagen per week beveiligd. De beveiliging van onze kerncentrale is opgezet volgens nationale en internationale richtlijnen (IAEA). Deze geven aan dat er moet worden beveiligd volgens het principe van detecteren, vertragen, risico inschatten en reageren. Hiervoor ligt een systeem van beveiligingsringen om de kerncentrale. Het beveiligingsniveau loopt op naarmate je het hart van de kerncentrale dichter nadert.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft een lijst met vitale objecten opgesteld. Dit zijn belangrijke gebouwen, installaties en plekken die bij een ramp of aanslag beschermd moeten worden. Denk hierbij aan havens, drinkwater- en elektriciteitsbedrijven. Ook onze kerncentrale is door de Nederlandse regering aangemerkt als vitaal object en staat dus op deze lijst.

De beveiligingsmedewerkers op de kerncentrale zijn ongewapend. Zij detecteren met de beschikbare (en vaak onzichtbare) systemen wat er rond de kerncentrale gebeurt. Bij een beveiligingsincident zorgen onze systemen en onze bewakers voor vertraging in de ontwikkeling van het incident. Er is dan tijd voor het inschatten van risico’s en en een adequate reactie zoals het vergrendelen van de toegang tot bepaalde ruimtes.

De opvolging van incidenten en de eventuele opschaling van hulp is een verantwoordelijkheid van de overheid. Het eventueel gebruik van geweld is voorbehouden aan de overheid. De Rijksoverheid treedt altijd op bij beveiligingsincidenten rond de kerncentrale. Hierover zijn afspraken gemaakt met politie, openbaar bestuur en hulpdiensten. Er is continu nauwe samenwerking tussen EPZ en de overheid en er wordt regelmatig geoefend.

Daar kan de kerncentrale tegen. De dijk vangt veel van de drukgolf op en de vitale gebouwen van de kerncentrales zijn bestand tegen extreem geweld zoals explosies, schokgolven en aardbevingen.

De vitale gebouwen en installaties zijn goed beveiligd tegen vliegtuigongelukken. Voor de bestrijding van de kerosinebrand die na een crash kan ontstaan, heeft EPZ een eigen crashtender (schuimblusvoertuig) op veilig afstand van de kerncentrale.

In de kerncentrale is geen enkel vitaal bedieningssysteem aangesloten op het internet. De procesinstallaties zijn van buitenaf dus niet benaderbaar. Het aansturen van het nucleaire proces en de bediening van de reactor gebeurt met veelal analoge techniek. Verstoring van ICT-systemen rond de kerncentrale heeft daarom geen invloed op de beschikbaarheid van de bedieningsinstrumenten. Deze staan immers helemaal los van ICT-aansturing. In de kantoren rond de kerncentrale gelden strikte regels voor informatiebeveiliging. Bestanden mogen niet zonder meer worden uitgewisseld, vreemde apparaten niet zomaar worden aangesloten. De internetaansluitingen en andere toegangen tot ICT-systemen zijn strikt beveiligd of onbruikbaar voor derden. Op ICT-middelen die mee naar binnen worden genomen, geldt een registratieplicht en streng toezicht.

Energiebronnen

EPZ heeft een gunstige bedrijfslocatie: er zijn geen omwonenden en het waait langs de Westerschelde vaak en hard. Bovendien past windenergie goed bij het klimaatneutrale karakter van EPZ’s stroomproductie. Wij gaan voor 100% positieve energie. 

EPZ heeft een gunstige bedrijfslocatie. Zeeland kent voor Nederlandse begrippen veel zonuren. Bovendien past het zonnepark goed bij het klimaatneutrale karakter van EPZ’s stroomproductie. Wij gaan voor 100% positieve energie.

Ontmanteling

We onderzoeken of we de kerncentrale na 2034 nog langer in bedrijf kunnen houden. Tegelijkertijd houden we er ook rekening mee dat we eind 2033 uit bedrijf moeten gaan. Hoe dan ook: het ontmantelen gebeurt zorgvuldig en grondig. Er blijft een groene wei over. Als er in 2034 wordt begonnen, zullen zo rond 2048 de laatste heipalen uit de grond worden getrokken.

Bekijk de video op YouTube over de ontmanteling van de kerncentrale

We onderzoeken of we de kerncentrale na 2034 nog langer in bedrijf kunnen houden. Tegelijkertijd houden we er ook rekening mee dat we eind 2033 uit bedrijf moeten gaan.

Als we in 2034 uit bedrijf moeten gaan zal het reactorvat in de bol onder water in kleine hanteerbare stukken worden ‘gezaagd’. Die gaan in containers en worden afgevoerd naar COVRA waar ze veilig worden opgeslagen tot er een eindberging voor radioactief afval gereed is.

Bekijk de video op YouTube over de ontmanteling van de kerncentrale

Over EPZ

EPZ produceert ruim 500 MegaWatt stroom met windturbines, zonnepanelen en de enige kerncentrale in Nederland. Al die stroom is klimaatneutraal.

Bij EPZ werken zo’n 400 mensen. Daarnaast worden er regelmatig mensen ingehuurd en werken mensen als toeleverancier. In totaal zijn er ongeveer 1.000 banen verbonden met EPZ.

Tot de 25% veiligste kerncentrales van de westerse wereld behoren. Met de kerncentrale doorproduceren tot 2034 en mogelijk langer blijven bijdragen aan de energietransitie. Daarvoor voeren wij nu een studie uit voor de regering. Die wil kerncentrale Borssele langer openhouden vanwege de klimaatneutrale stroom en de ervaring met kernenergie. Ook wij willen meedraaien in de top van klimaatneutrale stroomproductie in Nederland met de hoogste beschikbaarheid en bedrijfszekerheid!

EPZ is een Nederlands bedrijf dat geen Raad van Commissarissen heeft. De aandeelhouders van EPZ zijn ZEH Energy B.V. (70%) en Energy Resources Holding B.V. (30%).

EPZ maakt elektriciteit. Nucleaire en industriële veiligheid zijn onze belangrijkste prioriteiten en dat is zichtbaar in alles wat we doen. De bedrijfsvoering is optimaal afgestemd op de behoefte van onze klanten (tollers) en is maatschappelijk verantwoord. Onze medewerkers zijn onze belangrijkste succesfactor.

Hoe we dat doen, staat in onze visie:

  • Wij zijn het hart van ons bedrijf.
  • Onze trots is onze nucleaire professionaliteit.
  • Onze kracht is voortdurend verbeteren door samenwerking.
  • Wereldwijd voorop in veiligheid en betrouwbaarheid is ons resultaat.

EPZ werkt met kernwaarden. Het zijn de basisprincipes van ons alledaagse werk en de belangrijkste kenmerken van onze bedrijfscultuur.

Veiligheidsbewust en gedisciplineerd
Wij verlangen van al onze medewerkers dat zij veiligheid vooropplaatsen en daar gedisciplineerd mee omgaan. Dus geen ‘bochtjes afsnijden’ en je aan de regels houden. Ons bedrijf helpt daarbij door te investeren in mensen en installaties. Persoonlijke ontwikkeling stimuleren we met interne en externe opleidingen of loopbaantrajecten. We investeren in nieuwe technologie en gaan daarbij niet over één nacht ijs. Voortdurend verbeteren zit in onze DNA.

Respect en betrouwbaarheid
We tonen respect voor elkaar en zijn betrouwbaar: de basis voor collegiaal gedrag. Dat leidt tot een veilige cultuur met openheid en feedback. Dat betekent dat wij kritiek durven geven en kritiek kunnen incasseren. Veilige, collegiale werkverhoudingen zijn de basis voor onze goed functionerende organisatie.

Samenwerking
We werken goed samen. Dit doen we op basis van de vorige kernwaarde: wederzijds vertrouwen en respect. Dit geeft richting aan een duidelijke rolverdeling voor collega’s en afdelingen die samenwerken.

Eigen verantwoordelijkheid
Wij verwachten van onze medewerkers dat ze verantwoordelijkheid nemen. Als iets is afgesproken, dan houd je je daaraan. Om dat mogelijk te maken, zorgen we voor een veilige werkomgeving. Tijdens de besluitvorming kun je meningsverschillen hebben. Ligt een besluit vast, dan kunnen we elkaar daar op aanspreken.  

Resultaatgericht
Als de doelen helder zijn en vastliggen, verwachten we commitment en dat er wordt samengewerkt om ze te halen. Dat vraagt om transparante besluitvorming vooraf en duidelijkheid over rollen, taken, verantwoordelijkheden. Samen zullen we onze doelen halen.

Ja, we hebben aandacht voor het welzijn van onze medewerkers, het mlieu en effecten op de samenleving. EPZ verbindt zich aan het Global Compact Initiative (GCI) van de Verenigde Naties. In tien principes ligt in deze verklaring vast hoe bedrijven omgaan met mensenrechten, arbeidsomstandigheden, het milieu en zakelijke integriteit. Deze aandacht gaat verder dan waartoe de wet ons verplicht. In ons jaarverslag rapporteren wij hierover.

We houden ons vanzelfsprekend aan de wet, maar onze limieten zijn vaak vele malen strenger dan wat er wettelijk is toegestaan of voorgeschreven. We kiezen altijd voor de veilige kant en de best beschikbare (milieu)technologie.

De kerncentrale heeft een Kernenergiewetvergunning tot 2034. In deze vergunning staan de voorwaarden waarbinnen de kerncentrale mag worden bedreven. Deze voorwaarden zijn gebaseerd op internationale IAEA-regels. Er is streng toezicht op de naleving. Er wordt nu onderzocht of de vergunning kan worden verlengd tot na 2034. Als dat technisch en economisch mogelijk is, kan de Tweede Kamer toestemming geven voor een verlengde bedrijfsvergunning.

De kolencentrale van EPZ is november 2015 gesloten omdat hij niet meer rendabel was. Inmiddels is de centrale ook afgebroken. 

Waar bent u naar op zoek?